Opstandig gedrag is normaal gedrag in de ontwikkeling van een kind. Het komt voor in de kindertijd en als iemand in de puberteit komt. Er is sprake van een agressieve gedragsstoornis wanneer het gedrag heel erg negatief is, vaker en sterker voorkomt dan gemiddeld en gedurende langere tijd aanwezig is.

Normaal opstandig gedrag

Opstandig gedrag kan al voorkomen bij peuters en kleuters. Dit wordt ook wel de koppigheidsfase genoemd. De meeste jonge kinderen proberen dan hun zin door te drijven. Ouders moeten op die momenten duidelijke grenzen trekken, ook al leidt dit dan met regelmaat tot een conflict. Peuters en kleuters hebben dit nodig om te ontdekken wie ze zelf zijn en hoe ze moeten samenleven met anderen. Dit hoort bij hun ontwikkeling.

Normaal nemen deze conflicten af als kinderen ouder worden. Zij leren om rekening met anderen te houden, respectvol met elkaar om te gaan en hun eigen behoeftes even uit te stellen in situaties waarin dat beter is. Doordat kinderen de taal steeds beter beheersen, kunnen ze gedachten, gevoelens en wensen beter onder woorden brengen. Dat draagt bij tot een verdere afname van het opstandige gedrag. Het is ook heel normaal als kinderen elkaar een keer plagen of slaande ruzie hebben.

In de puberteit komt het opstandige gedrag ook weer terug. Een zekere mate van opstandig en agressief gedrag mag dus normaal genoemd worden op bepaalde leeftijden. Er is pas reden tot zorg als kinderen zich voortdurend tegen volwassenen verzetten of vaak met andere kinderen vechten.

Soorten agressieve gedragsstoornissen

Agressieve gedragsstoornissen worden onderscheiden in oppositioneel opstandige gedragsstoornissen (Oppositional Defiant Disorder, afgekort als ODD) en antisociale gedragsstoornissen (Conduct Disorders, afgekort als CD).

Kinderen met ODD en CD:

  • hebben moeite om hun emoties zelf te regelen.
  • zijn snel gefrustreerd.
  • worden van het ene op het andere moment heel erg boos.
  • luisteren slecht.
  • kunnen moeilijk op een andere manier tegen een situatie aankijken en daarbij een andere houding aannemen.

    De opvoeding van deze kinderen vergt veel van de ouders. Er worden hoge eisen gesteld aan het opvoedgedrag en dat kan ervoor zorgen dat de ouders overbelast raken.

Wat is ODD?

ODD is een stoornis die te herkennen is aan twee verschillende problemen: agressiviteit en de neiging om anderen opzettelijk lastig te vallen en te irriteren. Officieel wordt ODD ook een patroon van negatief, vijandig en dwars gedrag genoemd dat zich langer dan 4 maanden voordoet en waarbij iemand 4 of meer van de onderstaande symptomen heeft:

  • Vaak boos of driftig worden.
  • Vaak met volwassenen in discussie gaan.
  • Verzoeken of regels van volwassenen bewust overtreden of negeren.
  • Andere mensen klieren.
  • Anderen de schuld geven van de eigen fouten of misdragingen.
  • Snel boos worden of snel geïrriteerd raken door anderen.
  • Vaak hatelijk en wraakzuchtig zijn.

Wat is CD?

Een kind met CD ofwel een antisociale gedragsstoornis heeft een gebrek aan respect voor de rechten en gevoelens van anderen. Ook blijven schuldgevoel en wroeging uit wanneer hij anderen kwetst. Er is sprake van een CD als een kind gedurende langere tijd vier of meer van de volgende gedragingen vertoont:

  • Pesten, bedreigen en/of intimideren.
  • Wapens gebruiken en lichamelijk letsel toebrengen.
  • Aanzetten tot vechten.
  • Mensen en dieren mishandelen.
  • Anderen tot seksueel contact dwingen.
  • Stelen of liegen om verplichtingen uit de weg te gaan.
  • Brandstichten en vernielen met de bedoeling ernstige schade aan te richten.
  • Spijbelen en weg van huis lopen.

Verschil tussen ODD en CD

Het belangrijkste verschil tussen ODD en CD is dat er bij ODD geen sprake is van gewelddadig gedrag. ODD-kinderen zijn moeilijk op te voeden, ongehoorzaam en bieden verzet, maar feitelijk gewelddadig gedrag is dus niet aan de orde. Bij CD heeft het kind geen wroeging of schuldgevoel als het geweld gebruikt of iemand op een andere wijze kwetst.

In de medische literatuur wordt geen onderscheid gemaakt wat betreft de oorzaken en behandeling van ODD en CD. Daarom worden beide stoornissen in deze tekst tegelijkertijd beschreven.

Een extra probleem rondom ODD is dat het zelden als enige stoornis wordt aangetroffen. Vaak heeft iemand ook ADHD of een depressie.

Oorzaken

Er wordt tegenwoordig verondersteld dat de oorzaak van het gedrag van het kind een combinatie van aanleg en omgeving is. Risicofactoren bij het kind zijn onder andere biologische factoren, een moeilijk temperament, impulsiviteit en erfelijkheid. Risicofactoren in de omgeving zijn onder meer huwelijksproblemen van de ouders, onduidelijke regels en het gedrag van de ouders tijdens het opvoeden. Dit alles kan mede van invloed zijn op de stoornis.

Behandeling

ODD en CD zijn moeilijk te behandelen omdat het kind:

  • vaak niet in de gaten heeft dat het een probleem heeft.
  • de schuld van de problemen vaak bij anderen legt.
  • in eerste instantie door zijn gedrag vaak krijgt wat hij wil/eist omdat de omgeving bang is.
De juiste begeleiding moet plaatsvinden in alle situaties waarin het kind komt. Thuis en op school moet geprobeerd worden om weer een positieve draai te geven aan de omgang met het kind. Het kind kan baat hebben bij cognitieve gedragstherapie. De ouders kunnen worden geholpen met psycho-educatie en ouderbegeleiding.

Enkele richtlijnen voor ouders en verzorgers:

  • Stel duidelijke regels en grenzen en ben consequent. Geef duidelijk aan welk gedrag wel graag gezien wordt.
  • Heb naast de begrenzende houding ook een sterk steunende houding, zodat het kind ook positieve ervaringen opdoet.
  • Geef met het eigen gedrag het juiste voorbeeld.
  • Stel het kind verantwoordelijk en aansprakelijk voor zijn gedrag. Probeer hem bewust te maken van de keuzes die hij gemaakt heeft en van het feit dat hij steeds een keuze heeft. Wanneer hij zich bewust is van zijn keuzemogelijkheid kunnen alternatieve keuzes besproken worden.
  • Confronteer hem met de gevolgen van zijn daden door hem verantwoordelijk te stellen voor die gevolgen. Vraag hem hoe hij denkt de aangerichte schade te herstellen.
  • Probeer samen met het kind gedachten die hij over anderen heeft te bespreken. Vaak leggen deze kinderen het gedrag van andere kinderen of volwassenen erg negatief uit.
  • Zorg voor structuur en bezigheden. Stimuleer sport, muziek en dergelijke.

Gevolgen

Ouders vinden het vaak heel moeilijk om hulp te vragen. Ze schamen zich voor het probleem en kloppen pas in een vergevorderd stadium bij de hulpverlening aan. Het is moeilijk om te zeggen dat het eigen kind zich vaak vervelend gedraagt en dat iemand als ouder niet meer weet wat te doen. Toch is het belangrijk om zo vroeg mogelijk hulp en advies te vragen.

De gevolgen van agressieve gedragsstoornissen kunnen heel erg zijn voor het gezin en de omgeving. Uiteindelijk kan het leiden tot mishandeling van ouders, broers, zussen, dieren en leeftijdgenoten.

Het kind zelf wordt op den duur door veel mensen buitengesloten. Zijn omgeving ergert zich aan hem. Soms leidt het tot crimineel gedrag. De meeste kinderen met een gedragsstoornis blijven op het rechte pad, maar goede begeleiding is daarbij wel nodig.

Meer informatie

Informatie van Balans, de landelijke vereniging voor ouders van kinderen met een leer- en/of gedragsstoornis
www.balansdigitaal.nl/

Informatie van het Landelijk Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie
www.kenniscentrum-kjp.nl/ouders/Stoornissen-1/ODD-CD-Gedragsstoornis/Inleiding-7#.UqByZfBgXIU

Informatie van het Trimbos-instituut
www.trimbos.nl/onderwerpen/psychische-gezondheid/cd-en-odd

Trix van Lieshout (2009), Bohn Stafleu Van Loghum. Pedagogische adviezen voor speciale kinderen.